Sailing

De verovering van Tofua

Belevenissen van het 30+ team Belevenissen van het 30- team
Peter roeit de twee jongelingen naar wal met het trouwe bijbootje Schub, ik blijf aan boord om Lotta op haar plek te houden. Hoewel veel rustiger dan vanochtend, dansten de golven nog steeds om de rotsen van wat de ‘landing site’ zou moeten zijn. Behendig houdt Peter Schub in de lij van een rots, en behendig springen Simon en Jesper met hun bagage aan wal! Stap één, zeker niet de makkelijkste, is geslaagd, zonder nat pak! Met het oog op de golven en een sketchy landingsplek, hebben Jesper en ik zoveel mogelijk in waterdichte tassen gepakt. Maar toch liever droog landen, en het liefst ook zo snel mogelijk, het wordt al snel donker…

 

Nu hebben we de hele nacht tot de volgende ochtend voor onszelf, wat zouden we doen? We hebben geen doel, dus beginnen met alle manieren van bijliggen uit te proberen, zodat we rustig mogelijk blijven liggen, en daarnaast zo min mogelijk verlijeren.  Met de gewone fok doen we nog één knoop, met het kleine rode stormfokje nog slechts een half knoop. Gehaast lopen we de vulkaan op, de route lijkt nog makkelijk te vinden, maar een enkele keer lopen we verkeerd, wat makkelijk te compenseren is met een klein stukje ‘doorsteken’ door dichte begroeiing. We zijn best tevreden met onszelf, misschien toch niet zo slecht die oceaan-benen!

 

De marifoon kraakt: 30+ 30+ voor 30-
30- voor 30+ kanaal 14!
Kanaal 14 Schooltje gevonden, gully gevonden,  alles gaat goed. We zijn nu boven de boomgrens. We zien jullie prachtig bijliggen, mooi bruin bezaantje met rood stormfokje. We zijn bijna jaloers!
Terecht! Wij zijn hier heerlijk aan het spelevaren! Veel succes en tot later Ik bedacht nog, als jullie zo bijliggen, hoef je niet de hele nacht wakker te blijven om wacht te lopen, en kun je ook afwisselend de wekker zetten zodat er elk uur iemand kijkt en je steeds 2 uur slaapt!

 

We gniffelen wat om de wijze raad van de schipper-of-afstand; we kennen dat gevoel van niet kunnen loslaten maar al te goed! En gaan vervolgens baldadig verder op zoek naar mogelijkheden om meer scheepsregels aan ons laars te lappen nu de anarchie aan boord is uitgebroken. Helaas kunnen we niet veel bedenken, behalve dan dat we vóór achten kunnen gaan slapen, maar ook dat is eigenlijk een regel die onder het zeilen toch al niet gold...

Met de verrekijker turen we naar waar we denken dat de route is, en af en toe zien we een schim van blauw en een geel t-shirt als kleine stipjes op de berg!

Ok, valt toch tegen. We lopen te snel, en we kunnen er geen van beide wat aan doen. Dan ben je snel buiten adem, zeker met een hoop brandhout in de armen, dat is later vast niet meer te vinden. Dan vinden we de perfecte campsite, een vlak stukje zachte grond met een prachtig uitzicht. We gaan mooi niet verder hoor, daar wordt het echt niet beter van! Dan hebben we nu tijd voor kampvuur en eten.

We zetten de tent op, op een bed van extra veel varens, netjes neergelegd zodat er geen stokjes in de ruggen prikken en we hopelijk relatief zacht liggen zonder matjes. Het vuurtje wordt gestookt en het feest kan beginnen! Eindelijk verlost van 30+, tijd om te stappen, disco, dansen.

Al snel wordt het donker, in de kuip eten we ouderwets aardappeltjes met een blik spinazie en een gekookt eitje, en kijken ondertussen naar de majestueuze silhouetten van de twee vulkanen tegen de nachtelijke hemel. Het uitzicht is super:  Het vulkaan-eiland Kao, een langzaam wegzeilende Lotta, verlicht door de zonsondergang, helaas net uit beeld. Na de borrel warmen de blikjes op, een blik bonen met saus en een blik linzen met saus. De saus is exact hetzelfde, wat een beetje grappig is. We delen beide blikjes, gevolgd door een blikje perziken.
De marifoon kraakt: We hebben kamp gemaakt, het kampvuur brandt!
We zien niets!? Wacht, we porren het vuur even goed hoog!
Jaah! Nu kunnen we jullie vuurtje zien! Goede nacht!

 

Grappig, we worden beiden helemaal ontroerd door dat kleine lichtpuntje halverwege de berg, een wonderlijke verbondenheid maakt zich van ons meester. Daar zitten ze!!!  Ik moet denken aan de indrukwekkende schilderijen van Swaen Harmsen (Ja, googel die naam maar!) gebaseerd op een foto die vrienden maakten van hun hoofdlampjes toen ze halverwege El Capitán op een richteltje overnachtten.

“There is no distance throughts can’t travel”, maar als de afstand zoals nu beperkt blijft tot een zichtlijn van een paar mijl, wordt het nog veel makkelijker!

Steeds als ze op de berg wat nieuwe takken op het vuur leggen, zien we het door de kijker even oplichten, maar zodra ze de vlammen klein houden zien we alleen maar een donker silhouet, en na een uurtje turen gaan we toch maar slapen.

Bij gebrek aan disco en ander vermaak, toch maar weer een klassiek potje kaarten. Daar raken we gelukkig nooit op uitgekeken. Tussen de slagen door gooien we af en toe een houtje op het vuur en kijken tevreden naar het heldere toplicht van ons vertrouwde scheepje ver weg.
Net als ik de marshmallows tevoorschijn wil halen begint het te regenen. Het vuurtje houd nog verrassend goed stand, terwijl wij ons potje droog in de tent voortzetten. De regen wilt niet stoppen, bij gebrek aan beter toch maar om kwart over 8 naar bed, we hebben immers gezeild vandaag J
We zetten de wekker om het uur en hebben zo een super rustige nacht aan de lij van Kao. We slapen best aardig, het is wat hard dus je moet je regelmatig omdraaien maar verder heerlijk droog en het schommelt niet!
Bij het eerste daglicht zet ik alle zeilen weer bij en kruis met een zacht briesje terug richting landing site. Tussendoor bak ik een stapel pannenkoeken voor ontbijt en om mee te nemen. We pakken onze spullen voor de tocht, voor zover die niet door de jongens in gebruik zijn. We staan op voor zonsopkomst.  Het vuurtje wil niet meer branden, en de aansteker is ook leeg. Maar marshmallows voor ontbijt is toch overdreven en koffie vonden we te zwaar. Al snel zien we Lotta terug naar het Oosten kruisen. Blijkbaar zijn ze toch meer afgedreven dan we dachten.
Één ander jacht was in de buurt, Havili, en zij hebben vannacht wel in de lij van Tofua geankerd. Ze roepen ons op via de marifoon en gaven aan dat ons bijliggen wellicht een betere optie was dan hun gerol vlak bij de rotsen. Ook zij willen Tofua beklimmen, en we wisselen de beperkte informatie uit die we hebben. Toch zie ik via de AIS dat ze de landing site voorbij motoren, en via de marifoon ben ik nog op tijd om ze te helpen die te vinden. We klimmen licht bepakt verder omhoog. Het pad zijn we direct kwijt, maar dat geeft niet. Van de kraterrand hebben we weer een mega uitzicht. De krater loopt stijl naar binnen af, met in het midden een enorm meer. Aan een zijkant is een actieve sub-krater, die enorme witte wolken uitbraakt. Rond de actieve sub-krater is alles nog donker zwart en geheel onbegroeid. We lopen langs de kraterrand tot we naar de sub-krater kunnen afdalen en door de prikkende rook de krater in kunnen turen. Het lijkt behoorlijk diep, loopt stijl af en stinkt vreselijk.
Precies om 11 uur maken we ons laatste klapje richting landing site, op hetzelfde moment zet Havili haar expeditie aan land en doemen onze twee helden uit het bos op! Peter pikt ze weer op en zo hebben we even later twee stralende 30-ers aan dek die het commando weer overnemen van de gezapige 30+ers De terugweg gaat redelijk voorspoedig. De tent is een goed herkenningspunt om het pad weer terug te vinden, en dan gaat het goed tot we in het dal komen. Daar missen we ergens een afslag, en dwalen een tijdje rond. Niet omdat we de weg kwijt zijn, maar omdat we immers beloofd hadden fruit te zoeken J. Dan vinden we weer de betonnen plaat, en vandaar de weg terug.  Als we bijna bij de landingsplaats zijn zien we door de bomen Lotta aan komen zeilen. Volgens mij zijn we nog niks te laat, zij hadden er echt niet eerder kunnen zijn. Gelukkig, dan is het niet zo erg dat we een uurtje later zijn dan het oorspronkelijke plan.
Jesper Spillenaar Bilgen

Jesper Spillenaar Bilgen

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

÷ nine = 1